Carnaval 2012. (24)

Gepubliceerd op: 24-02-2012 foto #34201 2 commentaren 0 stemmen

Categorie:Carnaval - Overige.    Stadsdeel:Woensel    Jaar:2012 Groep:-    Bijdrager:Arno van der Linden

OMSCHRIJVING

Boerenbruiloft in Eindhoven, dus hier de Levensloop van bruid en bruidegom;

Levensloop van Netje

Netje ziet op 20 juli 1946 het levenslicht in de Boerenhofstee van de Klompenhoutopkoper Willem en Drieka Seerden aan de Kattenstraat te Eindhoven. Na een redelijk rustige jeugd met veel spelen op het erf waar boomstammen lagen opgestapeld en waar zij met haar broers en zusjes altijd opklommen, groeide Netje op. Netje werkte thuis mee in het huishouden van zeven kinderen waarvan zij de derde is. Zij was tevens vrijwilligster op het begijnenhofke en hielp mee waar dat nodig was. Netje is erg handig met naald en draad maar ook met de pen kon ze goed uit de voeten en daarom mocht ze al snel met vader op het tweespan met platte wagen mee naar de houthandelaren en klompenmakers. Ook had ze bij moeder in de keuken het zult maken en fruit wekken afgekeken en kon ze dat na verloop zelf doen. Het schuren van de klompen die zij en de andere kinderen meestal droegen vond zij geen straf. Het liefst zou ze zelf klompen maken maar dat was iets te veel gevraagd al heeft zij het wel geprobeerd toen ze met vader op de klompenmakerij in Best hout ging afleveren. Leergierig als Netje was, was ze niet indringend aanwezig, ze was altijd wel ergens mee bezig. Daarom kwam het dat ze pas op latere leeftijd aandacht zocht van de jongens, immers zij wilde toch ook wel een gezinnetje gaan stichten. Netje was best een vrolijk type en danste graag en zingen deed ze in een boerenkoortje. Een keer, toen zij met vader op pad was, kwamen zij voorbij een geitenfokkerij en toen vader aan een jonge boer de weg vroeg vond zij dat meteen een aardige jongen, was het liefde op het eerste gezicht? Later werd de drang naar die jongen groter en ging Netje zich interesseren voor de geitenfok en zo kwam zij tijdens een bezoek aan een geitenmarkt die aardige jongen weer tegen en stapte op hem af en vroeg of hij een keer met haar uit wilde gaan. Die aardige jongen was best een stoere kerel doch wel afstandelijk en hapte niet meteen. Hij zou er over nadenken en de adressen werden uitgewisseld.

Levensloop van Janus

Janus werd op 16 maart 1949 geboren op de geitenfokkerij en als ware tussen de geiten. Vader Tummes van de Plekhoek en moeder Hanna van Blarthem dreven op de Plekhoek in Stratum een geitenfokkerij. Janus is de oudste van 12 kinderen en moet na een onstuimige jeugd, want de rivaliteit tussen de jongens was groot, al snel mee werken op de boerderij van vader en leerde zo het harde vak van geitenfokken en al zijn negatieve bijkomstigheden zoals de Q koorts etc. kennen. Zijn liefde voor de geiten werd door de tijd heen steeds groter en hij kreeg zelfs zin om een geitenkaasmakerij erbij te beginnen. Het met de bok naar de geit brengen vond hij als kleine jongen al een uitdaging en dit heeft hij steeds als zijn grootste uitdaging beschouwd zeker als het allemaal goed verliep en er weer kleine geitjes werden verwacht. Tijdens het melken van de geiten kreeg hij het idee van kaasmaken en zo ging hij met zijn booijkar of hondenkar langs de diverse boerderijen om de melk te verzamelen want de productie op de boerderij van vader was niet altijd gegarandeerd door de fok en de vele kleine geitjes. Janus kreeg al snel de bijnaam Janus Kwakkel met zijn gedoejke, omdat hij met zijn kar over de wegen van Stratum “kwakkelde". Over zijn kar had Janus een soort huif gespannen waaronder hij met de regen kon gaan zitten en tevens diende het om zijn goederen droog te houden, Janus nam ook af en toe pakketten van de boeren mee om die elders te bezorgen. Janus had het niet zo op met de moderne manier van geiten houden en hij ging zijn geiten dan ook zelf hoeden en zwierf er mee over de velden. De boeren roepen vaak; Daor hedde Janus Kwakkel met zijn ?---rrum-mensenkoei. Maar voor Janus bracht de geit uitkomst immers hij kon er in de toekomst goed de kost mee verdienen. Om op vrijers voeten te gaan had Janus geen tijd of misschien was het zijn terughoudendheid hierin, of noem het verlegenheid. Toen op zeker dag een boer op een wagen met hout geladen hem de weg vroeg zag hij op de bok een heel Skon wijfie zitten en werden zijn zinnen geprikkeld. Later op een geitenmarkt kwam hij ze weer tegen en vroeg zij hem om mee uit te gaan.
.

DEEL DEZE FOTO    

SOORTGELIJKE FOTO'S



COMMENTAREN (2)



SIGN IN OR REGISTER TO JOIN THE CONVERSATION


© Copyright 2013 EINDHOVEN-IN-BEELD.nl Alle rechten voorbehouden.